WOL, KATOEN & ZIJDE
WOL
![]() |
Wol is de meest gebruikte grondstof in handgeknoopte tapijten en geweven Kelims. Eeuwenlang gebruikten de nomaden wol voor zowel de ketting, inslag als pooldraad. De nomaden hebben veel kennis van hun kuddes schapen en zijn dan ook experts in het kiezen van de juiste wol voor de tapijten. De kwaliteit van de wol wordt bepaald door het soort schaap, de voeding en het klimaat. De wol van schapen uit het hooggebergte in noord Iran is bijvoorbeeld sterker dan wol van schapen uit het groene en vruchtbare zuiden van Iran. Ook de wol van de schapen die in Nepal in het Himalaya hooggebergte leven is bijzonder sterk. De vuistregel is dat hoe meer een schaap te eten krijgt hoe minder de kwaliteit van de wol. Wanneer we naar de vacht kijken van een schaap dan zien we tevens dat bepaalde stukken vacht uit betere wol bestaat dan andere stukken. Wol van de nek en schouders van het schaap is het meest geschikt voor de tapijtproductie.
|
KATOEN
![]() |
Tegenwoordig wordt door bijna alle tapijtknoperijen de voorkeur gegeven aan katoenen ketting- en soms ook inslagdraden. Dit levert twee voordelen op. Ten eerste is katoen sterker dan wol, dus de draden zullen minder snel breken. Ten tweede is de spanning op het knoopraam beter te verdelen waardoor het makkelijker wordt om een recht tapijt te produceren.
|
ZIJDE
![]() |
Zijde, de meest kostbare grondstof voor het produceren van tapijten, kan gebruikt worden voor zowel de ketting en inslagdraden als de pooltjes van het tapijt. Zoals bij wol kan de kwaliteit van zijde enorm variƫren. Indien zijde gebruikt wordt als kettingdraad moet het zeer fijn en sterk zijn. Wanneer de zijden kettingdraden dichtbij elkaar gespannen worden kunnen ragfijne en scherpe patronen geknoopt worden. Zijden tapijten hebben een prachtige glans en zeer sterke vleug. Er worden zijden tapijten vervaardigd met maarliefst 2 miljoen knopen per vierkante meter.
|


